<--menu top>-->
 

De opvallendste vogels van Wolvenberg.

BERCHEM - De meest in het oog springende vogels die foerageren in en rond de graslandjes van Wolvenberg zijn Torenvalk, soms biddend boven de bermen, Merel en Groene specht. Deze laatste is meestal te zien als een heldergroene wegvliegende vogel. In zit valt hij moeilijk op. In en rond de vijver, soms aan de poelen verblijven meestal wat Waterhoenen, enkele Meerkoeten, en Wilde eenden. Allemaal broedvogels. Honden aan de leiband dus.
Indien u geluk hebt ziet u van dichtbij een Blauwe reiger of een IJsvogel. In de bomen en bosschages die Wolvenberg rijk is zijn de opvallendste vogels Houtduif, Vlaamse gaai, Ekster, Zwarte kraai en, indien terug geluk, de Sperwer. Ook de Grote bonte specht broedt hier. Vooral door hun zang opvallende vogels zijn Roodborst, Winterkoning, Heggemus, Vink, meerdere soorten mezen, Boomkruiper, vanaf half maart Tjiftjaf en vanaf april Zwartkop. Later op het voorjaar komen er nog enkele soorten bij. De meeste struiken en bomen staan dan reeds in blad. Deze vogels behoren zeker niet tot de opvallendste. Je zal ze meestal eerst horen. Wie geduldig blijft staan en goed toekijkt zal ze misschien vinden.

Broedgelegenheid

Wolvenberg biedt aan heel wat vogelsoorten broedgelegenheid (zie hieronder lijst broedvogels), zeker voor een gebied dat zo nabij de kernstad ligt. Het jaar 1999 leverde het eerste geslaagde broedgeval van Sperwer op (één uitgevlogen jong), alsook van Meerkoet (5 pulli).
Verder is het verrassend hoeveel soorten vogels dit gebied tijdens de trek of de winterperiode aandoen. Hierbij moet opgemerkt worden dat vogelsoorten zoals Vliegenvangers, Lijsters, Tuinfluiters, enz. zich tijdens de nachtelijke trek boven de stad begeven. Gebieden zoals de Wolvenberg zijn bij het aanbreken van de dag voor deze nachttrekkers een welkom toevluchtsoord. Ook dagtrekkers zoals Vinken maken gretig gebruik van de Wolvenberg als rust- en foerageerplaats tijdens de trek. Soms tientallen Vinken, Kepen, Koperwieken, Merels en Zanglijsters verblijven dan op het terrein, net als af en toe ook groepen Sijsjes en Putters. Buiten het broedseizoen zijn steevast gemengde Mezengroepjes van Kool-, Pimpel- en Staartmees in het gebied aanwezig.
Dat het gebied soms toevluchtsoord is voor zeldzamere, in de stad totnogtoe weinig of nooit vastgestelde vogelsoorten blijkt uit onderstaande lijst. Deze soorten ontgaan de niet naar vogels speurende bezoeker meestal. Voor een overvliegende trekvogel, zeldzaam of niet, geldt echter alleen het vinden van een tijdelijke rust- en foerageerplaats. Juist aan deze laatste voorwaarde wordt in het najaar overvloedig voldaan: bessen van Vlier-, Meidoorn- en Lijsterbes, bottels van Hondsrozen en een massa insecten en ongewervelden.
De Wolvenberg is tevens van groot belang voor een aantal in de nabijheid broedende of pleisterende vogels als voedselgebied. Denken we maar aan de honderden op insecten jagende Gierzwaluwen die op hun beurt weer prooi zijn voor Boomvalken enz. Ook Torenvalk, Sperwer, Blauwe reiger en mogelijk Buizerd en Ransuil die ’s winters in en rond de stad pleisteren, doen het gebied aan.

Broedvogels

Vogelsoort Geschat aantal koppels 1999
Wilde eend 1
Sperwer 1
Waterhoen 1 (twee broedsels)
Meerkoet 1
Houtduif 1 tot 10
Spreeuw 1 tot 5
Ekster 1 tot 3
Vlaamse gaai 1
Zwarte kraai 1 tot 2
Heggenmus 1 tot 3
Winterkoning 1 tot 8
Tuinfluiter 1 tot 3
Zwartkop 1 tot 6
Tjiftjaf 1 tot 5
Roodborst 1 tot 6
Merel 1 tot 6
Pimpelmees 1 tot 4
Koolmees 1 tot 2
Staartmees 1 tot 4
Vink 1 tot 4

Waarnemingen die bijzonder zijn voor Wolvenberg en/of de verstedelijkte regio.

Het betreft hier enkel waarnemingen van vogels die duidelijk het terrein gebruiken voor hun levensnoodzaak. Overvliegende trekvogels worden niet vermeld.
• Dodaars : 1 ex. Pleisterend gedurende enkele dagen in september ’98
• Oeverloper
• Houtsnip : minstens twee jaar achter elkaar waargenomen (97 en 98), zeer moeilijk vast te stellen soort.
• Tortel
• Koekoek
• IJsvogel : Vanaf juli ‘99 tot tenminste 18 oktober ’99 één ex langs de vijver.
• Draaihals : Op 2 september ‘99 één ex.
• Kleine bonte specht.
• Grote gele kwik : jaarlijks meerdere ex.
• Pestvogel : Tijdens het winterhalfjaar verbleven tot 52 ex. van deze noordelijke gasten langs de spoorwegberm en op Wolvenberg waar ze op natuurlijke wijze voor uitzaaiing van hondsroos zorgden. Dit is meteen de grootste groep in België ooit vastgesteld.

• Kleine karekiet: in juni ’99 één ex. Zingend in amper 3O m² droog riet.
• Spotvogel
• Blauwborst
• Braamsluiper
• Grasmus
• Vuurgoudhaantje : jaarlijks
• Bonte vliegenvanger: jaarlijks
• Grauwe vliegenvanger: jaarlijks
• Matkop
• Zwarte specht

Algemene conclusies

Naarmate het gebied Wolvenberg meer maturiteit krijgt, zal zich op sommige plaatsen loofbos ontwikkelen met grotere bomen (Zomereik, Es, Zoete kers en Beuk), die vooral aan Spechten en Mezen meer broedgelegenheid zullen bieden (van de Groene en Grote bonte specht werden in 1999 wel juveniele exemplaren waargenomen maar het broeden zelf werd niet vastgesteld). Andere vogelsoorten zijn om deze reden verdwenen. Denken we maar aan Fitis en Spotvogel, die een jonger successiestadium nodig hebben.
Naast deze stukken bos zullen struikgordels en hooilandjes blijven bestaan, die de gewenste variatie in structuur en microklimaat geven. Als het ware open plekken in het bos of kleine weilandjes in een uitgebreide houtkant. Daarnaast is er natuurlijk ook de vijver en zijn er de poelen.
Naar de stadsmens toe is de natuureducatieve functie van Wolvenberg zeer belangrijk. Het valt op dat het verloop van mensen die het gebied bezoeken zeer groot is. Buiten de trouwe wandelaars duiken steeds weer nieuwe gezichten op, die wel reeds lang in de buurt wonen maar het gebied nog nooit bezocht hebben. Voor deze mensen zijn de natuureducatieve panelen zeer belangrijke aangrijpingspunten van Natuurreservaten. Opvallende vogelsoorten zoals Groene spechten, Gaaien, Blauwe reigers, groepen Koperwieken, en mezen ontgaan de bezoeker zeker niet. Dat blijkt uit gesprekken met wandelaars. Voorts blijft er het dagelijks conflict tussen natuurbeschermers en wandelaars met loslopende honden, waarbij er telkens op de aanwezigheid van bepaalde vogelsoorten gewezen wordt, in wiens belang het is de rust te handhaven. Jaarlijks vinden vaste geleide wandelingen plaats met als thema voorjaar (zingende broedvogels) en urbane waarnemingen van vogeltrek tijdens de najaarsperiode.