<--menu top>-->
 

De spoorwegbermen tussen Station Berchem en de Kennedytunnel
Een lijnvormig landschapselement

BERCHEM - Er is al heel wat geschreven over het Ringbos en de spoorbermen maken hier gewoon deel van uit. Het verschil is misschien dat we het beheer op de spoorbermen zelf uitvoeren, en de rest van de Ring wordt beheerd door de Regie der Wegen.
In deze tekst zullen we stap voor stap stukken belichten die verschillen vertonen. De bermen zijn insnijdingen in de bodem, die niet over heel de lengte dezelfde is. Ook hieraan zal wat aandacht besteed worden. Er zijn twee bermen langs de spoorweg, die elk een tegengestelde lichtinval krijgen; de expositie is verschillend. Ook hierover te zijner tijd wat toelichting.
Iedereen wil natuurlijk iets doen voor de natuur, de vraag is alleen : waar. Als we de bestemmingsplannen bekijken dan staat er helemaal niets vermeld voor de natuur in de stad. Ook in het buitengebied zijn de verbindingsgebieden nog niet aangeduid, tenzij vaag. Alleen 'echte' natuur, gebieden die algemeen als waardevol worden beschouwd, zijn er in opgenomen. Onze Wolvenberg is daar niet eens bij. Verbindingsgebieden voor de Hobokense Polder zijn daar ook niet bij. Het is gewoon aan ons om zelf in te vullen wat de overheid niet kan of durft. Met de bermbeheerplannen op de Ring is men echter al een heel eind op de goede weg.
De beheerovereenkomst met de NMBS is een lokaal initiatief met het lokaal bestuur van de NMBS dienst Infrastructuur. De directeur in Brussel heeft er niet eens weet van. Toch werd in het verleden met veel tamtam een principeovereenkomst afgesloten tussen BBL (Bond Beter Leefmilieu) en de NMBS-man Wim Bontinck. We hebben er dan ook nooit meer iets over gehoord.

We zullen de spoorbermen in vier grote stukken opdelen. Drie grote wegen dwarsen de bermen, te weten de Grotesteenweg, de Jan Van Rijswijklaan en Kolonel Silvertopstraat. We noemen ze voor het gemak deel Wolvenberg, deel Wezenberg, deel De Ley en deel Zuid. We konden ze ook naar de schansen noemen, want dat zijn er ook vier, maar dat schept verwarring. Het vijfde en laatste deel, dat tussen de Hobokense Polder en de Kennedytunnel ligt, valt buiten ons werkinggebied en moet maar besproken worden in een andere afdeling van Natuurpunt. We doelen hier op de Kielse polder of Petroleum-Zuid.

Spoorberm Wolvenberg (S1)

S1 a.

Wie op de perrons van Station Berchem staat kan zijn ogen nauwelijks geloven. De brug over de snelweg is hier erg breed. De lijn naar Gent draait in een grote bocht langs het natuurwandelpark. Beneden ligt nog de NMBS-parking, eens een deel parkgebied, op slinkse wijze opgeslokt als nutsvoorziening. Aanvankelijk zou dit tijdelijk zijn, omdat er een enorme ondergrondse parking onder het station gepland was, die deze kon vervangen. De nabestemming was hier dan ook : Parkzone. Nu is de nabestemming niet weerhouden en is deze diefstal van openbaar groen niet alleen officieel, maar ook nog eens nergens gecompenseerd. Een zaak die men niet zo kan laten, behalve als het schuldigen betreft die mijlenver boven ruimtelijke ordening verheven zijn.
Hier is maar één berm
Omdat er niet of nauwelijks gemaaid wordt ontwikkelt zich hier makkelijk bos en struweel op vochtige arme basische bodem met Eenstijlige meidoorn, Bleeksporig bosviooltje, Boslathyrus en Hondsroos. Een situatie die alleen hoog op de berm standhoudt, want wat lager, waar de bodem frisser is, maar ook rijker treffen we bovendien Rode kornoelje, Koninginnenkruid, Hondsdraf, Gestreepte witbol, Dauwbraam, Framboos, Schietwilg, Gewone vlier en Gelderse roos. Allemaal zaken die verder op de bermen ook wel gezien worden. Beneden is een gewoonlijk droge spoorsloot waar een exemplaar van Italiaanse aronskelk is gekiemd. Dit is een uitzonderlijke vondst ! Het bosklimaat dat hier ontstaan is wordt door hakhoutbeheer onderdrukt. Een ruigte op vochtige tot droge rijke bodem is een ecotoop waarin hier vooral IJle dravik, Bezemkruiskruid, Late guldenroede en Boerenwormkruid, Vogelwikke, Kleine klit, Akker- en Speerdistel en Beklierde basterdwederik ontwikkelt, en in toenemende mate Reuzenberenklauw, een plaag van zwaar kaliber. Amerikaanse kruidkers is een minder geziene soort op onze bermen.
Nog op de taluds van het station bevindt zich een merkwaardige duinflora in een notendop, met Stalkruid, Hokjespeul en Strandkweek..Omdat de bermen hier zijn afgesloten met een hoog hek wordt er door ons niet beheerd. Grasland op droge arme basische bodem is dan ook slecht ontwikkeld en erg ruig, waarin Gewoon struisgras, Peen, Rood zwenkgras, Schermhavikskruid, Veldbeemdgras, Asperge en Gewoon struisriet nog de sterkste vertegenwoordigers zijn. Vooral op molshopen en voor konijnenpijpen zie je Zandmuur. Pioniers zijn Akkerwinde, Grote kaardenbol, Bermooievaarsbek, Bleke klaproos, Smalle weegbree, Veldereprijs en Vierzadige wikke.

S1 b
Wat verder loopt de berm naar de voetgangersbrug, waar een linkerberm verschijnt, die in zijn eigen schaduw ligt. (Voor het gemak noemen we die de linkerberm, en zij schermt de autostrade af). Hierop is een 'bos' aangeplant, dat groot risico inhoudt voor de veiligheid van het spoor. In het hakhout heeft zich een bos en struweel genesteld dat vergelijkbaar is met dat op S1a. Op de rechterberm is door intenser beheer vooral grasland op droge matig rijke bodem verschenen, erg kleurrijk met o.a. Rood zwenkgras en Zachte dravik, witbloeiend Gewoon duizendblad, Grijskruid, paarsbloeiend Zachte en Kleine ooievaarsbek, Voederwikke en Bonte wikke, geelbloeiend Klein streepzaad, Schermhavikskruid, Sint-Janskruid, Vlasbekje, Hopklaver, Vijfvingerkruid en Jakobskruiskruid. Het insectenleven is hier zeer uitgesproken. Het beheer voorziet in het behoud van een ruigte op vochtige rijke bodem, waarin Riet plaatselijk een groot aandeel heeft en Dauwbraam, Bezemkruiskruid, Late guldenroede, Boerenwormkruid, Vogelwikke, Fluitenkruid, Bijvoet en Kruldistel welig tieren. Zevenblad kan grote oppervlakten koloniseren.
Hier is de Japanse duizendknoop met succes bestreden, en heeft zich een mooie populatie met Veldkruidkers ontwikkeld. Dat is een Aandachtsoort, een soort die men nauwlettend volgt omdat ze onderkend is of in haar voorkomen erg zeldzaam is. Bij 'ons' breidt ze nog steeds uit. Omdat de hellingen steil zijn en er veel erosie optreedt kan deze pioniersoort zich hier blijkbaar makkelijk handhaven.

S1 c
Na de voetgangerbrug worden de bermen zeer hoog, met vergelijkbare ruigten en graslanden. De linkerberm vertoont bos en struweel met bomen als Spaanse aak, hardnekkige Gewone esdoorn, en oude vestigingen van Gewone es, Appel, Zomereik, Boswilg, Wilde lijsterbes. Op de rechterberm staan bovendien doornstruiken als Hondsroos en zeer vroeg bloeiende Sleedoorn.
Pioniervegetatie op droge matig rijke bodem is samengesteld uit Kleine teunisbloem, Grijskruid, IJle dravik, Kleine veldkers, Grote zandkool, Heermoes, Grote klaproos, Ringelwikke, Bijvoet en Kweek, dat grote matten kan vormen. In de konijnenpijpen treffen we Bunzing en Wezel aan, kleine marterachtigen, die hier jagen, net als de Vos. Achter deze berm werd op 18 februari 2003 een teefje aangereden op de pechstrook. Een spijtig verlies.

Spoorberm Wezenberg (S2)

S2 a + b
Als we onze tocht voortzetten van de Grotesteenweg naar de Jan Van Rijswijklaan snijdt de spoorberm door de zandige afzettingen die de onderbodem met kalkresten van fossiele schelpen bedekken. Stuivenberg heette het hier dan ook vroeger. De zandlagen gaan tot 4 meter diep. Tegenover de oude St.-Willibrorduskerk (S2a) is de bodem nog rijk, maar enkele meters verder schuift het zand al onder je schoenzolen weg (S2b). Wat bos en struweel aangaat blijft alles wat bij het voorgaande, maar hier duikt voor eerst Hop op de bermen, samen met Zachte wikke en Haagwinde. En op droge rijke bodem : Stinkende balote. Ook de ruigten blijken niet noemenswaardig te verschillen met bermen van Wolvenberg.
In grasland op droge matig rijke bodem verschijnen nieuwe elementen als Margriet, Veldbeemdgras, Gele morgenster, Hazenpootje en Kleine klaver. In de ecotoop grasland op droge arme zwak zure bodem zien we voor eerst schrale elementen als Borstelgras en Klein vogelpootje.
Het grote verschil duikt op in de pioniervegetatie op droge bodem, met o.a. Schapezuring, Zilverhaver, Vroege haver, Zandhoornbloem, Koningskaars, en Gewoon langbaardgras. Op rijkere bodem vinden we hier Gewoon handjesgras, op een zeer oude vindplaats. De soort is in uitbreiding in Vlaanderen, maar was 30 jaar geleden slechts van enkele plaatsen in Antwerpen en Diest bekend. De enorme hondsrozen worden door ons niet weggekapt. Hier zat in 1996 Pestvogel met 52 exemplaren, de grootste groep ooit gezien in Vlaanderen.

S2 c
Achter de fietstunnel begint voor ons een nieuw deel. De tendens naar schrale zandige bodem wordt in dit stuk van de spoorbermen nog meer uitgesproken. Een brede richel in de berm maakt de percelen bijzonder breed. Er treden bodembewonende mossen (en korstmossen) op de voorgrond als Ruig en Zandhaarmos, Grijs kronkelsteeltje en Groot rimpelmos. Maar eerst een blik op bos en struweel op vochtige arme bodem. We noteerden hier onder meer Ruwe berk, Mannetjesvaren, Zoete kers, Amerikaanse vogelkers, Zomereik en Amerikaanse eik. Hondsroos blijft een vast gegeven voor de bermen, maar Rode kamperfoelie is een kalkminnende soort van thermofiele eiken- en beukenbossen in Lotharingen en Picardië. We hebben deze soort helaas als verwilderd moeten noteren, want ze is uit bessen opgeschoten die groeien aan de struiken die men 40 jaar geleden heeft aangeplant langs de Ring. Het zelfde geldt voor Wollige sneeuwbal, die vooral in stedelijke milieus verwildert uit aanplantingen. Ze staat in gezelschap van Brede wespeorchis, Akkervergeet-mij-nietje, Rimpelroos en dergelijke. In grasland op vochtige matig rijke bodem verschijnen hier o.a. Kraailook, Veelkleurig vergeet-mij-nietje, Pitrus en Beemdlangbloem. Op vochtige matig rijke kalkrijke bodem toont het grasland ons bovendien Aardaker.
Pioniervegetatie op droge arme zwak zure bodem leert ons dat Eekhoorngras In gezelschap staat van Schapezuring, Zilverhaver, Zandraket en Zandhoornbloem. In een droge arme basische bodem Ruw vergeet-mij-nietje, Grote zandkool, Middelste teunisbloem en Zeepkruid. De bovenzijde van deze bermen is vreselijk gestoord door sieraanplantingen, waaronder Canadese kornoelje, Amerikaanse eik en Amerikaans krentenboompje. Deze worden selectief opgeruimd.

S2 d
De bermen aan de Wezenberg zelf zijn ook bijzonder interessant, daar de oude heuvel hier nog aanwezig is. Helaas is de overeenkomst met de Stad Antwerpen op dit vlak nog niet uitgebreid. We wachten dan ook in spanning af of de papiermolen knersend in beweging gaat te komen. Als de Vos een veilig heenkomen kan vinden is het hier wel…
De bermen aan de vrt-studio zijn praktisch onbereikbaar. Bijna geheel terug te voeren tot ruigte met Brem, Dolle kervel en Dauwbraam. Aan het zwembad ligt een schraal grasland met veel Gewone veldbies en Vogelpootje, dat tot op de kop van de spoorberm loopt. Hieronder vinden we een tamelijk droge berm met Vlinderstruik en Grote zandkool. In de linkerberm bevindt zich een door woelmuizen doorgraven grasland met pioniervegetatie op droge matig rijke bodem, met o.a. Zilverhaver, Akkervergeet-mij-nietje, Eenjarige hardbloem, Bleke klaproos, Kruipganzerik, Gewoon handjesgras, Zandmuur, Hazenpootje, Koningskaars, Liggende vetmuur, Middelste teunisbloem, Zandhoornbloem, Ringelwikke en Tengere vetmuur. Toch nog kalkhoudend genoeg voor Hertshoornweegbree en rijk genoeg voor Liggende klaver en Veelkleurig vergeet-mij-nietje.

Spoorbermen De Ley (S3)

Een mooi en schraal, deels ontkalkt stuk dat breed uitwaaiert en (op linkerberm) diffuse grenzen heeft met de snelweg. Voorts ligt een bos en een groot grasland tegen de (rechterberm) percelen aan.

S3 a
Tussen de brug van Jan Van Rijswijk en het gemaal ligt een hellend perceel tegen een oprit. Nu Japanse duizendknoop er zo goed als verdwenen is ontwikkelt zich hier bovenaan een bos en struweel op droge arme basische tot zwakzure bodem, met Gewoon struisgras, Gewone brem, Gladde witbol onder Zomereik, voorts Hondsroos, Jakobskruiskruid en enkele verwilderde soorten als Kruipwilg, Wollige sneeuwbal en Rimpelroos (alle uit nabije aanplant). Bos en struweel op vochtige matig rijke bodem weerspiegelt zich in de bijkomende soorten als Spaanse aak, Gewone es, Hondsdraf, Gestreepte witbol, Dagkoekoeksbloem, Heggedoornzaad, Appel en Gewone vlier. In de ongemaaid gelaten stukken verschijnt een ruigte op droge matig rijke bodem, met o.a. IJle dravik en Boerenwormkruid. Het grasland op droge arme basische bodem is na enkele jaren maaien mooi uitgegroeid met Gewoon duizendblad, Gewoon struisgras, Grijskruid, Ruige zegge, Klein streepzaad, Rood zwenkgras en Gladde witbol, Zachte ooievaarsbek, Veldereprijs en Schermhavikskruid. In de randen naar de ruigte houdt Sikkelklaver zich schuil. Deze zeldzame soort is vooral present in de kalkrijke Antwerpse omgeving. Op de ontkalkte delen verschijnt tussen Rood zwenkgras Zandblauwtje. De aanwezigheid van Grote tijm is nog niet met zekerheid iets standvastigs. Er is veel bodemomwoeling door Konijn. Pioniervegetatie op droge matig rijke bodem weerspiegelt zich o.a. door Vlinderstruik, Zandhoornbloem, Heermoes, Middelste teunisbloem, Smalle weegbree, Ringelwikke en Gewoon langbaardgras. Opnieuw een mooi plekje voor Bunzing.

S3 b
Tussen het gemaal en de Silvertopstraat liggen de bermen aan de Halteplaats Zuid. Ze zijn moeilijk te maaien en zijn nog erg ruig. Opvallende soorten zijn Klein springzaad, Ratelpopulier, Ruwe berk, Sleedoorn, Aakbes en Heggenrank, de laatste pas onlangs verdwenen na de werken aan het perron. De linkerberm is op de kop zeer schraal, bewoond door talrijke woelmuizen, met een grote variatie aan soorten grasland- en pioniersoorten droge arme basische tot zwakzure bodem , gaande van Blauw walstro, Gewone veldbies, Margriet, Muizenoortje en Vogelpootje naar Rapunzelklokje, Hazezegge, Kleine leeuwentand, Gewoon reukgras, Zilverhaver en Paashaver. Het laatste is over deze percelen nog niet gezegd. Op eerder kalkrijke bodem treffen we Blauw walstro, Dubbelkelk, Echt bitterkruid
Gewone bermzegge, Goudhaver, met Sikkelklaver en Wilde hokjespeul. Uitgebreider onderzoek moet de enigszins versleten bevindingen bijwerken.

Spoorbermen Zuid (S4)

Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad voor deze bermen door de werkgroep Wolvenberg werden beheerd. Het bleek onduidelijk in welk afdelingsgebied dit groot stuk open ruimte lag. Er staan immers geen huizen en dus ook geen postnummer. Hoe dan ook, door die onzekerheid kon het Land Van Reyen niets ondernemen tegen de inplanting van het Nieuw Gerechtsgebouw. De Konijnenwei is intussen een slachtveld, en het Nieuw Zuid, het voormalige rangeerstation Goederen Zuid, is inmiddels ook voor de bijl gegaan. Er was geen politieke moed om voor een groene long te zorgen die de drukke Kennedytunnel van de stad moet afschermen. Het onderzoek van de bermen is nog niet tot in detail afgewerkt, omdat hier nog maar pas verantwoordelijkheid voor opgenomen werd. Het toekomstige park op de Konijnenwei zou verbinding moeten houden met de bermen. Versnippering van groene open ruimte is verboden door het Natuurdecreet. Prestigeprojecten in Antwerpen zijn een oud zeer. Hiervoor moet de wet met een speciale bril gelezen worden, die mij echter niet past.
De bermen aan de Kennedytunnel staan in verbinding met de spoorbermen. Plant en dier kunnen hier makkelijk aan hun reis naar Wolvenberg beginnen. Vooral soorten als Pinsterbloem, Wilde bertram en Stijf havikskruid staan klaar om de bermen te koloniseren. 10 jaar geleden werden hier Wilde liguster en Kardinaalsmuts genoteerd. De Veldiep is hier talrijk aanwezig.
Details van het onderzoek volgen.
Erik